Nieuwe benadering psychofarmacologisch onderzoek

6 jaar geleden

Het blijft moeilijk goede medicijnen voor psychiatrische aandoeningen te ontwikkelen. Erik Hendriksen en Lucianne Groenink van de vakgroep Farmacologie aan de Universiteit Utrecht vonden mogelijke oorzaken hiervan.

De belangrijkste oorzaken volgens Hendriksen en Groenink zijn:

  1. Psychiatrische ziekten zijn ingewikkeld. Vaak ontstaan ze door een combinatie van de omgeving en de erfelijke aanleg van de patiënt.
  2. Het is niet goed mogelijk om een psychiatrische zieke in een diermodel na te bootsen.
  3. Er zit een valkuil in het dierexperimenteel onderzoek naar psychiatrische aandoeningen: een aantal gebruikte testen selecteert steeds hetzelfde type medicijn.

Geen schizofrene muis

In medicijnonderzoek worden proefdieren gebruikt als model voor de mens. Men probeert een ziekte na te bootsen in een dier. Psychiatrische zieken bestaan echter uit symptomen die soms typisch menselijk zijn. Denk hierbij aan piekeren (angststoornis), een laag zelfbeeld (depressie) of het horen van stemmen (schizofrenie). Een schizofrene muis bestaat dus niet.

Meer van hetzelfde

Alle huidige medicijnen met antidepressieve werking zijn gebaseerd op het verhogen van serotonine in de hersenen. Veel testen worden geschikt geacht voor onderzoek, als bestaande medicijnen een effect hebben in die test.

Een voorbeeld

Als een muis in water wordt gezet, gaat hij zwemmen. Na een tijdje kiest hij ervoor om te gaan drijven. Stoffen die de hoeveelheid serotonine in de hersenen verhogen, zorgen ervoor dat de muis langer blijft zwemmen. De totale zwemtijd wordt gebruikt als een maat voor de antidepressieve werking van de toegediende stof. Veel stoffen worden op deze wijze getest op hun antidepressieve werking. Stoffen die niet via serotonine werken, laten de muis niet langer doorzwemmen en worden hierdoor vaak uitgesloten van verder onderzoek. Het is best mogelijk dat hier stoffen tussen zitten die via een andere weg toch antidepressief werken. De stoffen die met deze testen geselecteerd worden, zijn dus allemaal gebaseerd op het verhogen van serotonine in de hersenen. Meer van hetzelfde dus.

Aanbevelingen

De onderzoekers vinden dat we toch nog veel over psychiatrische ziekten kunnen en moeten leren door diergedrag te bestuderen. Zij komen met aanbevelingen:

  • Probeer niet langer psychiatrische ziekten in dieren na te bootsen, maar probeer de mechanismen in de hersenen van één enkel symptoom te ontrafelen. Dit kan soms met proefdieren.
  • Gebruik geen modellen en testen die alleen gebaseerd zijn op de werking van de huidige medicatie.

Bron: Back to the future of psychopharmacology: A perspective on animal models in drug discovery. European Journal of Pharmacology 759 (2015) 30–41